Als het regent op Neptunus, vallen er diamanten naar beneden. Op Jupiter waaien winden met snelheden tot tienduizend kilometer per uur. Stormen kunnen daar eeuwenlang duren. Venus ziet eruit alsof er net een catastrofe van wereldformaat heeft plaatsgevonden. En dan is er nog Saturnus, een planeet met 30 manen, waarvan er 12 pas onlangs zijn ontdekt. En zou er leven mogelijk zijn op Mars of op manen van Jupiter en Saturnus?
Dit rijk geïllustreerde boek, met bijdragen van auteurs als Arthur C. Clarke, Freeman Dyson en David Darling, laat zien wat we vroeger dachten over de planeten en wat we de laatste vijftig jaar te weten zijn gekomen over ons zonnestelsel. De werkelijkheid blijkt de fantasie van weleer te overtreffen: de ruimte in onze nabije omgeving is vreemder dan we ons ooit konden voorstellen.